Hoofdstuk 5: Het combineren van woordbetekenissen

Nederlanders zijn vrij slordig waar het gaat om het hanteren van woordbetekenissen.

Het komt bijvoorbeeld regelmatig voor dat iets dubbel wordt gezegd, zonder dat het enig nut lijkt te hebben. Zo hebben sommigen het over ‘een vrijgekomen vacature’, terwijl de notie ‘vrijgekomen’ sowieso inherent is aan het begrip ‘vacature’. Een vergelijkbare fout wordt gemaakt in de zin: ‘Nu gaat het nog goed, maar de volgende keer zal het echter niet meer zo gemakkelijk gaan.’ De verband-aanduidende woorden ‘maar’ en ‘echter’ geven namelijk beide aan dat er sprake is van een tegenstelling. In vaktaal heet het dan dat in bovenstaande voorbeelden niet zinvol gebruik gemaakt wordt van achtereenvolgens de stijlfiguren pleonasme en tautologie.

Soms leidt slordig omgaan met betekenissen tot contaminaties: woorden en zinnen die officieel niet bestaan, omdat ze als het ware op twee gedachten hinken:

- uitselecteren (foutief!)
(kortsluiting tussen ‘uitkiezen’ en ‘selecteren’)
- Dat kost duur. (foutief!)
(verhaspeling van ‘Dat kost veel / Dat is duur.’)

De eerste paragraaf van dit hoofdstuk behandelt pleonasme en tautologie. Daarna wordt stilgestaan bij contaminaties.

Opdrachten Hoofdstuk 5 Het combineren van woordbetekenissen

Antwoorden Hoofdstuk 5 Het combineren van woordbetekenissen